Kwart miljoen vrouwen gescreend op borstkanker  (16/12/2005)

In Brussel vindt vandaag de gezondheidsconferentie rond borstkanker plaats. Uit de nieuwe cijfers blijkt dat in 2003-2004 bijna een kwart miljoen vrouwen gescreend zijn op borstkanker. Het is belangrijk om dat aantal nog hoger te krijgen, want screening is het middel om borstkanker vroegtijdig op te sporen.

Borstkanker belangrijkste doodsoorzaak bij vrouwen tussen 35 en 69 jaar.
In 2003 overleden 1.298 Vlaamse vrouwen aan borstkanker, dat zijn er bijna 4 per dag. In Vlaanderen heeft een vrouw bijna 12 % kans om borstkanker te krijgen voor haar 75-ste verjaardag. Eén op de vier vrouwen met borstkanker overlijdt ook aan de ziekte.

Kwart miljoen vrouwen gescreend
In 2001 ging het Vlaamse bevolkingsonderzoek van start. Doel was om alle vrouwen van 50 tot en met 69 jaar elke twee jaar een screeningsmammografie aan te bieden. Screening is belangrijk, omdat ze borst-kanker tijdig kan opsporen, dit wil zeggen in een stadium dat een succesvolle behandeling mogelijk is, die daarenboven zo min mogelijk ingrijpt in het leven van de vrouw.
Vandaag zijn de eerste resultaten voorgesteld voor de periode 2003-2004.

- In de periode 2003-2004 werden 245.950 vrouwen gescreend binnen het programma. Dit is 35 % van alle vrouwen uit de doelgroep die in Vlaanderen wonen.

„» dit betekent dat bij meer dan 1000 vrouwen een agressieve kanker is opgespoord,
voor ze klachten kregen.

- 75% van de vrouwen ging in op de uitnodiging die ze per brief kregen van één van de vijf screeningscentra. In de overige gevallen werden ze doorverwezen door hun huisarts of gynaecoloog.

Hoe de resultaten nog opvoeren?

- De gemeentes worden ondersteund om mee te werken aan de sensibilisering van de vrouwen. Zo kan de Mammobiel ter plaatse komen, een mobiel onderzoekscentrum. Hierdoor sparen (oudere) vrouwen zich een verplaatsing uit.

- Vanaf het najaar 2006 zullen digitale mammografietoestellen in gebruik genomen worden. Vlaanderen is Europees koploper inzake regelgeving voor digitale mammografieën. Die zijn niet alleen accurater, maar het volledige screeningproces verloopt ook sneller. De resultaten kunnen elektronisch van de eerste radioloog naar de tweede gestuurd worden ter controle (met de klassieke methode gaat dat nog per post).

- De huisarts is een spilfiguur in de operatie. Hij is immers een vertrouwenspersoon die de vrouw kan aansporen om zich te laten screenen. Daarom willen we de huisartsen via de Wetenschappelijke Vereniging voor Vlaamse Huisartsen meer betrekken.

- Ten slotte zal tijdens het najaar de Kom Op tegen Kanker-campagne van de Vlaamse Liga tegen Kanker volledig in het teken zal staan van borstkanker.

Groen licht voor reorganisatie van de jeugdhulp  (13/12/2005)

Vlaams minister van Welzijn Inge Vervotte versterkt de jeugdhulp op diverse vlakken. Het creëren van een efficiënt jeugdrecht is immers niet de enige stap die nodig is. Vervotte neemt daarom nu reeds o.m. de volgende maatregelen om de jeugdhulp te versterken en uit te bouwen:

1) Twee miljoen euro voor extra plaatsen in de Bijzondere Jeugdbijstand
Dit geld zal ingezet worden waar de noden het hoogst zijn, met name op de as ”Antwerpen – Mechelen – Brussel”.

2) Netwerk Crisisjeugdhulp met 24-uurs permanentie
Bij acute problemen kunnen hulpverleners een beroep doen op het Netwerk Crisisjeugdhulp.
Hiervoor organiseert dit netwerk een 24-uurs permanentie, die start in 2006. Directe interventies en onmiddellijke kortdurende hulp zullen mogelijk worden. Het netwerk maakt daartoe afspraken met onder meer de politie en het parket.

3) Globaal Plan Jeugdhulp
In januari legt minister Vervotte het Globaal Plan Jeugdhulp voor aan de Vlaamse Regering. Eén van de elementen is het aanpassen van de regelgeving, zodat de bestaande diensten flexibel kunnen inspelen op de noden van de cliënt.

4) Voorzieningen werken samen in regionale netwerken
Dit betekent een grondige en noodzakelijke reorganisatie van de Vlaamse jeugdhulp! De voorzieningen van zes sectoren zullen voortaan samenwerken in regionale netwerken “Integrale Jeugdhulp”

- Kind en Gezin
- het Vlaams Fonds voor de Sociale Integratie van Personen met een Handicap
- de Bijzondere Jeugdzorg
- de Centra Algemeen Welzijnswerk
- de Centra voor Leerlingenbegeleiding
- de Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg.

5) Duidelijke en uniforme omschrijving van de beschikbare hulp
Samenwerken in netwerken veronderstelt dat elke hulpverlener niet alleen het eigen aanbod kent, maar ook dat van de collega’s. Daarom wordt er gemoduleerd: alle voorzieningen beschrijven hun totale aanbod. Dit doen ze in afgelijnde pakketten (vb. gezinsbegeleiding) en in een gemeenschappelijke taal. Zo wordt het én voor de gebruiker en voor de andere voorzieningen duidelijk wie wélke hulp aanbiedt. Eind 2006 zal het aanbod van alle jeugdhulpvoorzieningen in een centrale databank staan. Zo heeft de Vlaamse overheid per regio een zicht op de beschikbaarheid van het hulpaanbod.